De zomermaanden betekenen door tijdsgebrek en het goede weer altijd een
terugval in mijn bioscoopbezoek. Iets wat ik dit jaar zeker niet
betreur, wegens het beperkte aantal goede films die deze zomermaanden
zijn losgelaten. Nu de zomer tegen zijn einde aanloopt, heb ik mijn
Leuvense sneakgewoonte terug opgenomen en werd al direct getrakteerd op
een prijsbeest (ahum).
The Skeloton Key draait rond Caroline Ellis,
die door haar weerbarstige levensstijl geen contact meer heeft met haar
vader. Wanneer deze sterft, wordt zij – getroffen door schuldgevoel -
plotsklaps sterftebegeleidster en komt ze ten huize Devereaux terecht.
De woning is gelegen in de swamps van New Orleans. Een krot waar elk
zinnig mens zelfs zonder orkaanmeldingen niet langer dan vijf minuten
zou willen blijven. Maar Caroline zet door, want ze moet de schuld aan
haar vader terugbetalen. Deze redenering/truk wordt steeds gebruikt om
de meest onlogische beslissingen van ons aller Caroline te verklaren.
Foto’s van papa, strijkers en krokodillentranen worden hierbij niet
geschuwd. Als karakteruittekening van het hoofdpersonage kan dit wel
tellen me dunkt, helaas spreken we hier dan wel van een
prefabconstructie waarin een gemiddelde scheet brokken zou maken. De
man des huizes is er nogal erg aan toe en Caroline heeft haar handen
vol met het nodige verzorgwerk, maar desondanks deze bekommernissen
vindt ze toch de tijd om als een volleerd detective een mysterieus hoodoocomplot
te ontrafelen. Vreemde rituelen, kaarsen, krijt, zangstondes en
kippensoep zijn hierbij de basisingredi